Nieuwe methode brengt risico’s nanoplastics beter in beeld

De Nederlandse Universiteit van Amsterdam ontwikkelde een nieuwe meetmethode die nanoplastics in water en milieu veel nauwkeuriger in beeld brengt door het bepalen van de grootte en de chemische samenstelling.

Trefwoorden: #nano, #plastic, #voedsel, #water

Lees verder

research

( Foto: dec925- 123RF )

ENGINEERINGNET.BE - Veel plastic afval valt uiteen in microplastics en uiteindelijk nanoplastics.

Deze minuscule deeltjes komen in water en voedsel terecht, en zo uiteindelijk ook in ons lichaam.

Het is nu nog lastig om de hoeveelheid nanoplastics in het milieu precies te bepalen, omdat het om zulke kleine deeltjes gaat die zich ook anders gedragen dan microplastics.

Daarom combineerde UvA-chemicus Maria Hayder twee technieken: één voor het scheiden van plastic deeltjes op grootte en één voor het chemisch herkennen en meten van plastic soorten.

De nieuwe meetmethode kan nanoplastics in afvalwater identificeren en kwantificeren. Ook is de methode ingezet om te ontdekken hoe alledaagse kunststoffen, die de onderzoekers jarenlang hadden blootgesteld aan zoet- en zeewater, uiteenvallen in steeds kleinere deeltjes.

Opvallend was dat de plasticsdeeltjes niet volgens een simpel ‘steeds kleiner’ patroon afbraken, maar in allerlei verschillende groottes aanwezig waren, en ook op alle dieptes opdoken ongeacht hun dichtheid.

Ook onderzocht Hayder wat er bekend is over plastic deeltjes in voedings- en drinkwaren.

‘Er is relatief veel onderzoek gedaan naar zeevruchten, terwijl andere belangrijke onderdelen van ons dieet, zoals fruit, groenten en granen, minder aandacht krijgen.’

Maar voor juist die voedselsoorten schatten de onderzoekers de hoogste dagelijkse inname in.

‘We zien met name de veelgebruikte plastics terug, zoals verpakkingsplastic. Maar hoe je meet, bepaalt voor een groot deel wat je vindt en dat maakt studies lastig vergelijkbaar.’

Ook bouwden de onderzoekers in het lab het menselijk spijsverteringsproces na en lieten plastic deeltjes van verschillende groottes en met diverse eigenschappen hier doorheen gaan.

‘In het maagdarmkanaal klonteren kleine deeltjes samen tot grotere klontjes, vooral door de werking van spijsverteringsenzymen. Daardoor worden ze groter en is de kans kleiner dat ze door de darmwand en in het lichaam terechtkomen, al laat dit onderzoek zien dat we daar nog veel over moeten leren’, aldus Hayder.

Betere metingen zijn nodig om de gezondheidsrisico’s van plastic vervuiling goed te kunnen beoordelen.

‘Nu verschillen meetmethoden sterk tussen laboratoria, waardoor resultaten lastig vergelijkbaar zijn. Dat belemmert wetenschappelijk onderzoek en het maken van beleid rond plastic gebruik en vervuiling’, zegt Hayder. 

‘Onze aanpak is een goede stap richting veel preciezere metingen van nanoplastics in de toekomst. Dat is cruciaal om hun verspreiding en mogelijke gezondheids­risico’s beter in te kunnen schatten.’