Nieuwe test met organ-on-chip bepaalt hartschade COVID-19

UTwente stelt hartweefsel op een ‘organ-on-chip’ bloot aan het virus en medicatie, voor het snel krijgen van een gepersonaliseerd beeld van de oorzaken van hartschade en mogelijke remedies.

Trefwoorden: #bloed, #COVID-19, #gepersonaliseerd, #hart, #lichaam, #longen, #LUMC, #medicatie, #model, #NCardia, #orgaan, #organ-on-chip, #remedie, #River Biomedics, #stamcel, #stamcel, #UTwente, #virus, #weefsel

Lees verder

Techniek

( Foto: UTwente )

ENGINEERINGNET.BE - Niet alleen de longen ondervinden ernstige schade door COVID-19, bij een deel van de patiënten ook het hart. De oorzaak is nog niet duidelijk.

Door hartweefsel op een ‘organ-on-chip’ bloot te stellen aan het virus en aan de gebruikte medicatie, ontstaat snel een gepersonaliseerd beeld van de oorzaken en mogelijk ook de remedies.

Het TechMed Centre en het MESA+ Instituut van de Universiteit Twente trekken daarvoor samen op met het Leids Universitair Medisch Centrum en de ondernemingen River Biomedics en NCardia, om deze kennis snel beschikbaar te maken.

Organ-on-chip systemen bieden de mogelijkheid om een miniatuurversie van een orgaan te bouwen. Dit mini-orgaan, meestal gevormd vanuit stamcellen, functioneert in een omgeving die lijkt op het echte lichaam dankzij een stelsel van vloeistofkanaaltjes en -reservoirs. Via die weg zijn ook andere stoffen toe te voegen, zoals medicatie.

Voor het hart zijn er intussen modelsystemen die gebaseerd zijn op human pluripotent stem cells. Die zijn volgens de onderzoekers ook in te zetten voor tests met COVID-19 medicatie. En met modellen van het virus zélf: wat is het - tot nu toe onbegrepen - effect van het virus op het hart?

De grote voordelen zijn dat de resultaten snel beschikbaar zijn en dat zelfs het effect op de individuele patiënt zichtbaar wordt, bij gebruik van diens eigen cellen en bloed. Een gepersonaliseerde behandeling is dan mogelijk.

De basis van het systeem is nu al beschikbaar. Daarop kan, naar verwachting, vlot worden voortgebouwd.

Doordat organ-on-chip systemen direct met menselijk weefsel werken, zijn er ook minder proefdieren nodig.