ENGINEERINGNET.BE - De regio rond Vaals, op het drielandenpunt van België, Nederland en Duitsland, is één van de drie kandidaat-locaties. Ter ondersteuning van deze kandidatuur werd ET-Vlaanderen opgericht.
"In onze Euregio bundelen Nederland, Vlaanderen, Wallonië en Noordrijn-Westfalen de krachten,” zegt Hans Plets, CEO van ET-Vlaanderen. “De andere kandidaten die momenteel aan een bidbook werken zijn Sardinië en de Duitse deelstaat Saksen. Wij hopen ons bidbook in december 2026 op werkniveau af te ronden, onderbouwd met een wetenschappelijke en financiële haalbaarheidsstudie. Daarna moeten alle betrokken beleidsniveaus het goedkeuren – met mogelijk wat aanpassingen, zodat we verwachten het tegen juni 2027 officieel in te dienen."

Geologie
De diepe ondergrond verschilt sterk per kandidaat-locatie en bepaalt mee de vereiste diameter van de tunnels. Daarom wordt dit aspect per locatie afzonderlijk onderzocht. Ongeacht de uiteindelijke locatiekeuze zal een groot deel van het lopende onderzoek binnen de kandidaat-regio’s relevant blijven.
"Voor geologen is dit nu al een bijzonder boeiende fase," aldus Plets. "Historisch zijn er weinig diepe boringen uitgevoerd, hoewel in de bovenlagen van de streek eeuwenlang zink- en loodertsen werden ontgonnen. De Waalse overheid toont intussen een hernieuwde belangstelling voor mijnbouw, gekaderd in de zoektocht naar zeldzame aardmetalen."
Oriëntatie
Het geologisch onderzoek is nog niet helemaal afgerond. "In het zoekgebied lopen nog enkele boringen. Deels in parallel plaatsen we op de bodem van die boorgaten meettoestellen die de resterende ondergrondse omgevingsruis meten. Voor de werking van de telescoop is het cruciaal dat er aan de hoekpunten geen trillingen optreden die het signaal van een zwaartekrachtgolf kunnen overstemmen. Daarom moeten we binnen het werkingsgebied de optimale locatie van die hoekpunten bepalen. Ook het hydrologisch onderzoek is nog aan de gang."

"We besteden onze middelen maximaal, volgens het principe 'no regret,' door te focussen op wat echt nodig is om de haalbaarheid van de bouw van de telescoop te bepalen," onderstreept Plets. "Gedetailleerder onderzoek kan plaatsvinden na de toewijzing."
Partners
Bij de lopende studies en onderzoeken zijn tal van academische en industriële partners betrokken. Hoewel de telescoop zelf bedoeld is voor fundamenteel onderzoek, zal de bouw ervan een krachtige impuls geven aan de toegepaste wetenschappen.
Een belangrijke motivatie voor het Vlaamse engagement is dat het project aansluit bij de zeven technologiedomeinen die Vlaanderen strategisch acht voor economische valorisatie: computationele en datagestuurde technologie, digitalisering en automatisering, optica, sensoren en elektronica, toekomstbestendige bouw, trillingsdemping en vacuümtechnologie.
"Dit voorjaar zetten we die domeinen extra in de kijker via informatiesessies per technologiedomein, samen met academische en industriële spelers. Zo verkennen we per domein de meest beloftevolle lijnen voor deelname aan het project."

Geen verloren werk
"Veel onderzoeksresultaten blijven waardevol, ook als uiteindelijk een andere locatie wordt gekozen. Zo onderzoeken we of het uitgegraven bodemmateriaal – naar schatting zo’n 4 miljoen kubieke meter – kan worden hergebruikt in cement- en betonmengsels voor de schachten en tunnels van de telescoop, of elders."
De blik ligt ook op een duurzame aanpak. Zo onderzoeken Vito, Universiteit Hasselt en enkele andere partners of de telescoop kan functioneren op zelfgeproduceerde groene energie. Een andere piste is het gebruik van de spoorwegsite in Montzen voor grondverzet en de aanvoer van materialen. Intussen ontwikkelen projectpartners uiteenlopende toepassingen die ook buiten dit project inzetbaar zijn, van mijnbouw en ruimtevaart tot medische beeldvorming."
Gladste spiegels ooit
“Een van de ambities is het ontwikkelen van de gladste spiegels ooit, tot op atomair niveau. Onderzoekers van B-Phot aan de Vrije Universiteit Brussel werken aan het polijsten, het Cocoon-team van de Universiteit Gent ontwikkelt een amorfe nanocoating en het Gravity Institute van de KU Leuven onderzoekt kristallijne oxidecoatings. Dergelijke trajecten kunnen leiden tot aanzienlijke serendipiteitseffecten."
Op de foto boven: de diameter van de tunnels hangt deels af van de lokale geologische structuur.