ENGINEERINGNET.BE - Om het vervoer van ammoniak de komende jaren goed te organiseren, is het nodig om drie vormen van transport gelijktijdig te ontwikkelen: spoor, binnenvaart en pijpleiding.
Bij kleinere hoeveelheden is vervoer per spoor het goedkoopst. Voor middelgrote volumes is vervoer via de binnenvaart vaak efficiënter. Het transport via spoor of binnenvaart is sowieso nodig om de markt te laten groeien en tot de schaalgrootte van transport via pijpleiding te komen.
Gaat het om nog grotere hoeveelheden ammoniak, dan is het transport via een pijpleiding op lange termijn de voordeligste optie. De haalbaarheidsstudie hanteert hierbij een volume van 3 miljoen ton ammoniak per jaar in 2040.
Elke vervoersmogelijkheid heeft specifieke beperkingen en voordelen. Vervoer via het spoor gebeurt nu al. Het spoor is echter op veel plaatsen druk bezet en uitbreiden vraagt fysieke ruimte, tijd en investeringen.
Er zijn ook binnenvaartschepen om ammoniak te vervoeren, maar dat aantal is nog beperkt. Uitbreiding van deze vloot kost tijd en geld.
Spoor en binnenvaart zorgen er samen voor dat bedrijven steeds meer bevoorraad kunnen worden, ook als zij nog geen aansluiting op een pijpleiding hebben.
Over een langere periode van 25 jaar blijkt dat een pijpleiding voor grote hoeveelheden ammoniak de laagste kosten heeft.
Er dient dan alvast gestart te worden met studies naar de ontwikkeling van een pijpleiding tussen het havengebied van North Sea Port en bijvoorbeeld Antwerpen.
De waterstofleidingen van Gasunie en Fluxys blijven noodzakelijk en moeten wel op korte termijn gerealiseerd worden.
Ammoniak kan worden gebruikt als brandstof, als grondstof voor de industrie en als een manier om waterstof te vervoeren. In North Sea Port zal een aantal bedrijven ammoniak als brandstof en grondstof gebruiken.
Nederlandse en Belgische havens kunnen uitgroeien tot belangrijke toegangspoorten voor ammoniak die buiten Europa wordt geproduceerd en naar het achterland wordt getransporteerd.
Daarmee ondersteunen zij de Europese klimaatdoelen, zoals het verminderen van broeikasgasuitstoot met 55% tegen 2030 en het streven naar een klimaatneutraal Europa in 2050.
Het onderzoek is uitgevoerd door adviesbureaus WSP en Aviv, samen met verschillende bedrijven actief in North Sea Port.