Frankrijk kiest consortium voor bouw twee nieuwe 500 MW-offshore windparken

De Franse overheid heeft het consortium van Engie (GDF Suez), DP Renewables, Neoen Marine en Areva geselecteerd voor de bouw en exploitatie van de offshore windparken nabij Le Tréport en Yeu

Trefwoorden: #Areva, #bouw en exploitatie, #DP Renewables, #Engie, #Franse overheid, #GDF Suez, #Le Tréport, #Neoen Marine, #offshore windparken, #Yeu

Lees verder

nieuws

( Foto: Engie )

ENGINEERINGNET Deze windparken zijn allebei goed voor 500 MW en daarmee samen vergelijkbaar met de (afzonderlijk) krachtigste Belgische kernreactoren.

Het consortium wil op beide parken Areva-windturbines met een vermogen van elk 8 MW inzetten.

Le Tréport ligt in Opper-Normandië, tussen Dieppe en de monding van de Somme. Het eilandje Yeu en het bijna-eiland (de verbindingsweg met het vasteland ligt bij hoog tij onder water) Noirmoutier liggen in de Golf van Biskaje, niet ver van de monding van de Loire.

Voor Engie kaderen beide projecten in de ambitie om een referentiespeler te worden in het 'blauwe' deel van de hernieuwbare energieproductie en in de ontwikkeling van lokale industriële activiteiten die hieraan zijn verbonden.


ACHTERGROND
Om een lokaal draagvlak tot stand te brengen zijn er twee bedrijven opgericht, Les Eoliennes en mer de Dieppe-Le Tréport in Rouen en Les Eoliennes en mer de Vendée in Nantes. Rechtstreeks en onrechtstreeks zouden beide windparken samen 6.000 arbeidsplaatsen moeten opleveren.

Het consortium wil op beide parken Areva-windturbines met een vermogen van elk 8 MW inzetten. De fabricage van de turbines moet in 2018 van start gaan, in Le Havre. De bouw van de windparken zelf moet in 2019 van start gaan, de energieproductie in 2021.

Het inzetten van 8 MW-turbines moet de productiviteit en het rendement vergroten en het aantal turbines verminderen. Het verkort ook de bouwtijd, vereenvoudigt het onderhoud en zou ook beter compatibel zijn met de visserij.

Het onderhoud zal gebeuren vanuit de havens van Dieppe en Le Tréport voor de turbines in het Kanaal en vanuit L’Herbaudière en Port-Joinville voor de turbines in de golf van Biskaje.