Resultaten bekend van onderzoeksproject rond aquacultuur

Vlaamse aquacultuurondernemingen hebben nood aan innovatie in productieprocessen om zich internationaal te onderscheiden, aldus een SWOT-analyse van KU Leuven.

Trefwoorden: #algen, #aquacultuur, #Aquavlan2, #ILVO, #Interreg, #KU Leuven, #reststromen, #UGent

Lees verder

nieuws

( Foto: Pexels, Tom Fisk )

ENGINEERINGNET.BE - Ruim de helft van aquatische producten voor menselijke consumptie komt uit aquacultuur. De Europese aquacultuur levert 4% van de mondiale productie, maar raakt in het slop, terwijl andere spelers sterk vooruit gaan.

Drie jaar ondersteunde het Interreg-project Aquavlan2 de aquacultuur- en glastuinbouwsector in de grensregio Vlaanderen-Nederland via onderzoek en individuele begeleiding. Onlangs werden de hoogtepunten gedeeld tijdens een bijeenkomst bij HZ University of Applied Sciences in Middelburg, Nederland.

Aquacultuurondernemingen in Vlaanderen en Nederland hebben nood aan procesinnovatie om zich internationaal te onderscheiden in de productie, verwerking en handel van hoogwaardige nicheproducten. Dat bleek uit een SWOT-analyse van KU Leuven.

Verdere technische ontwikkeling moet de sector in staat stellen om kringlopen in de zoute en zoete aquacultuur te sluiten, nieuwe voeders voor schelpdieren en vissen te benutten en de grondsmaak in aquatische producten te voorkomen.

Bedrijven hebben in het kader van dit project 15 innovaties ontwikkeld voor de aquacultuursector, zoals forelvoer op basis van reststromen uit de pluimveesector, algenproductie op reststromen en de optimalisatie van rotiferenkweek.

UGent onderzocht alternatieve bewaringstechnieken voor eitjes van copepoda, een soort krill dat kan dienen als voer voor jonge, mariene vislarven. Hier komt vervolgonderzoek naar.

Er blijkt ook toekomst te zitten in duurzame teeltsystemen, zoals aquaponics. Dit door de mineralisatie van visslib, waarbij fosfor wordt teruggewonnen.

Het Proefcentrum voor Groenteteelt testte het restwater van Omegabaars, wat geschikt blijkt voor de teelt van tomaat en komkommer.

Het Vlaams Instituut voor Landbouw, Visserij en Voedingsonderzoek ontwikkelde verder een methode om grondsmaakmoleculen in het kweekwater te verminderen, door ozon toe te dienen via micro- en nanogasbelletjes in het water. Hierdoor breken de grondsmaakmoleculen sneller af.